Naar de inhoud

AOW netto berekenen, met je aanvullend pensioen

Netto AOW voor alleenstaanden en gehuwden vanaf 1 juli 2026 en een schatting per 1 januari 2027, met je aanvullend pensioen en de loonheffingskorting.

De AOW netto per maand is vanaf 1 juli 2026 € 1.581,55 voor een alleenstaande met loonheffingskorting en € 1.084,13 per persoon voor gehuwden of samenwonenden (SVB). Per 1 januari 2027 volgt de AOW het netto minimumloon, dat op 5 oktober 2026 nog niet vaststond. Bij een aanname van 1,5% wordt het bedrag voor een alleenstaande € 1.605,27.

Leefsituatie
Loonheffingskorting op je AOW

Ja: de SVB past de korting toe, zoals standaard. Nee: je pensioenfonds of een andere uitbetaler doet dat. Maar één uitbetaler mag de korting toepassen.

Aanname: 1,5%, even groot als de stap van 1 juli 2026. De SVB publiceert de echte bedragen rond half december.

Het percentage dat je fonds per 1 januari 2027 toekent. Standaard 0%, omdat elk fonds zelf beslist.

Nieuw bruto per maand, AOW en pensioen

€ 2.187,09

  • Netto91%
  • Loonheffing en bijdrage Zvw9%
Bruto per maand nu
€ 2.162,16
Verhoging bruto per maand
€ 24,93
Stijging van het totaal
1,15%
Verhoging bruto over 12 maanden, zonder vakantiegeld
€ 299,16
Ingangsdatum
1 januari 2027
Zekerheid van het percentage
Aanname, nog niet vastgesteld
Netto per maand nu
€ 1.968,05
Netto per maand na verhoging
€ 1.988,52
Netto erbij per maand
€ 20,47
Netto AOW nu
€ 1.581,55
Netto AOW na verhoging
€ 1.605,27
Vakantiegeld opgebouwd per maand nu, bruto
€ 104,78
Vakantiegeld opgebouwd per maand na verhoging, bruto
€ 106,35
Loonheffingskorting toegepast door
De SVB, op de AOW

OnderdeelNuNa verhoging
AOW bruto€ 1.662,16€ 1.687,09
Aanvullend pensioen bruto€ 500,00€ 500,00
Bruto per maand€ 2.162,16€ 2.187,09
Loonheffing€ 89,25€ 91,65
Bijdrage Zvw€ 104,86€ 106,92
Netto per maand€ 1.968,05€ 1.988,52
Bruto per jaar, met vakantiegeld€ 27.203,28€ 27.521,28
Netto per jaar, zonder vakantiegeld€ 23.616,60€ 23.862,24

Een schatting ter informatie, geen financieel of juridisch advies. Disclaimer

Kies je leefsituatie, wie de loonheffingskorting toepast en vul je bruto aanvullend pensioen in. De rekenhulp zet je uitkering en pensioen van nu naast een schatting per 1 januari 2027, bruto en netto, met wat er aan belasting en premie af gaat.

Wat je nu krijgt en wat er per 1 januari bijkomt

De AOW is het basispensioen van de overheid. De Sociale Verzekeringsbank (SVB) betaalt het vanaf je AOW-leeftijd elke maand uit. Vanaf 1 juli 2026 is de bruto AOW voor een alleenstaande € 1.662,16 per maand. Met loonheffingskorting houdt de SVB daarop alleen de bijdrage Zvw in, zodat € 1.581,55 netto overblijft (SVB, Bedragen AOW). Gehuwden en samenwonenden krijgen elk € 1.139,39 bruto en € 1.084,13 netto. Per 1 januari 2027 beweegt het bedrag opnieuw mee met het minimumloon. Die stap stond bij de controle op 5 oktober 2026 niet vast, dus de rekenhulp neemt 1,5% aan. De netto AOW van een alleenstaande wordt dan € 1.605,27. Met € 500 bruto aanvullend pensioen erbij stijgt het netto inkomen van € 1.968,05 naar € 1.988,52 per maand.

Het hoofdbedrag van de rekenhulp is je nieuwe bruto per maand, uitkering en pensioen samen: € 2.187,09 in dit voorbeeld. De bedragen van de SVB zijn nagerekend in de controlegevallen. Per persoon gelden vanaf 1 juli 2026 deze maandbedragen.

Per maand vanaf 1 juli 2026, per persoon (SVB)
LeefsituatieBrutoNetto met kortingNetto zonder kortingVakantiegeld bruto
Alleenstaand€ 1.662,16€ 1.581,55€ 1.285,22€ 104,78
Gehuwd of samenwonend€ 1.139,39€ 1.084,13€ 880,96€ 74,85

Wanneer gaat de AOW-verhoging in?

Op 1 januari en op 1 juli. Op die data verandert het minimumloon en beweegt de uitkering mee. Die koppeling aan het minimumloon staat in artikel 9 van de Algemene Ouderdomswet. Het bruto bedrag wordt zo vastgesteld dat het netto 70% van het netto minimumloon is voor een alleenstaande, en 50% voor elk van twee gehuwden (artikel 9).

De nieuwe bruto bedragen verschijnen in de Staatscourant. Op 1 juli 2026 steeg het bruto bedrag bij alleenstaanden van € 1.637,57 naar € 1.662,16, 1,5% erbij (Staatscourant 2026, 20221). Voor gehuwden was de stap 1,54%.

Het minimumloon per 1 januari 2027 was op 5 oktober 2026 nog niet gepubliceerd; dat werd in oktober of november verwacht. De SVB maakt de nieuwe bedragen doorgaans rond half december bekend. De Miljoenennota en het Belastingplan van Prinsjesdag 2026 geven een vooruitblik, maar leggen dat bedrag niet vast.

Tot dan rekent de tool met 1,5%, even groot als de stap van 1 juli 2026. Dat percentage verhoogt het nettobedrag, en de bruto uitkering en de inhoudingen stijgen in de schatting naar verhouding mee. Typ je zelf een percentage, dan meldt de status een eigen aanname.

AOW bruto en netto: waar zit het verschil?

In twee inhoudingen: loonheffing en de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw. Loonheffing is een voorheffing op de inkomstenbelasting, die elke maand wordt ingehouden en na afloop van het jaar wordt verrekend.

Wie de pensioenleeftijd heeft bereikt, betaalt geen premie meer voor het ouderdomspensioen. Daardoor is het loonheffingstarief in de eerste schijf lager: 17,85% tot € 38.883 per jaar in 2026 (Belastingdienst). Dat tarief bestaat uit inkomstenbelasting en de overige premie volksverzekeringen. Daarboven geldt 37,56%, en vanaf € 78.426 49,5%.

De bijdrage Zvw is 4,85% van het bruto bedrag (SVB), bij een alleenstaande € 80,61 per maand. Ze geldt tot een maximum bijdrageloon van € 79.409 per jaar. Voor 2027 wordt 5,02% verwacht.

Een pensioen dat gelijk blijft, kan daardoor netto iets dalen: bij € 500 pensioen zonder indexatie € 3,25 per maand. Dat komt door het voorgestelde tarief van 18,33% in de eerste schijf en de hogere Zvw-bijdrage (Wetsvoorstel Belastingplan 2027). Het is een wetsvoorstel; de stemming stond bij de controle op 5 oktober 2026 voor december gepland.

Met of zonder loonheffingskorting

De loonheffingskorting verrekent je heffingskortingen al per maand met de ingehouden belasting. Na de AOW-leeftijd bestaat ze uit de algemene heffingskorting, de ouderenkorting en, bij een uitkering voor alleenstaanden, de alleenstaandeouderenkorting. Maar één uitbetaler mag de korting toepassen; de SVB doet dat standaard.

In 2026 is de algemene heffingskorting vanaf die leeftijd hooguit € 1.556 per jaar. De ouderenkorting is € 2.067 bij een inkomen tot € 46.002, de alleenstaandeouderenkorting € 540 (Belastingdienst). Voor 2027 stelt het kabinet € 1.596, € 1.993 en € 547 voor.

Met een aanvullend pensioen ernaast bepaalt die keuze wat er per maand binnenkomt. Met € 500 pensioen en de korting bij de SVB is het netto inkomen nu € 1.968,05. Ligt de korting bij het pensioenfonds, dan houdt de SVB € 296,33 belasting in op de uitkering. Op een klein pensioen kan het fonds de korting niet helemaal kwijt, dus blijft er € 1.760,97 over.

De belasting die je over het hele jaar verschuldigd bent, verandert door die keuze niet. Wat per maand te veel of te weinig is ingehouden, verrekent de Belastingdienst via de aangifte inkomstenbelasting of een voorlopige aanslag.

Vakantiegeld over je AOW in mei

Over je AOW bouw je elke maand vakantiegeld op, dat de SVB in één keer uitbetaalt in mei. Vanaf 1 juli 2026 is dat € 104,78 bruto per maand voor alleenstaanden en € 74,85 voor wie gehuwd is of samenwoont (SVB). Het is een vast bedrag dat op 1 januari en 1 juli wordt vastgesteld, geen percentage van de uitkering.

De rekenhulp verhoogt de opbouw met hetzelfde percentage, tot € 106,35 per maand. De regel bruto per jaar telt twaalf maanden opbouw mee: in het voorbeeld nu € 27.203,28. Ook op het vakantiegeld wordt belasting ingehouden. Dat nettobedrag rekent de tool niet uit, dus netto per jaar bevat alleen twaalf maandbedragen.

Indexatie pensioen: elk fonds beslist zelf

Indexatie is een verhoging van een pensioen om de stijging van prijzen of lonen bij te houden. Voor het aanvullend pensioen van je pensioenfonds legt geen wet een percentage vast: elk fonds beslist zelf (Rijksoverheid).

In het oude stelsel hing dat besluit sterk af van de dekkingsgraad: het vermogen van het fonds gedeeld door wat het aan pensioenen moet betalen. Fondsen stappen over naar het nieuwe pensioenstelsel; uiterlijk op 1 januari 2028 moeten alle regelingen over zijn (Rijksoverheid). Bij invaren gaan de opgebouwde rechten mee naar de nieuwe regeling.

Twee voorbeelden, geen regel. ABP verhoogde de pensioenen op 1 januari 2026 met 2,84%. PFZW verwachtte op 5 oktober 2026 een verhoging van 0,66% per 1 januari 2027, nog niet definitief. Omdat er geen algemeen percentage is, staat de indexatie in de rekenhulp standaard op 0%. Met 0,66% wordt € 500 pensioen € 503,30 bruto per maand.

Gehuwd, samenwonend of alleenstaand

Voor de uitkering tel je als gehuwd of samenwonend als je getrouwd bent, een geregistreerd partnerschap hebt of met iemand een gezamenlijke huishouding voert. Woon je samen met je eigen kind of ouder, dan geldt dat niet als samenwonen.

Een echtpaar met twee uitkeringen ontvangt samen € 2.168,26 netto per maand, met de korting bij allebei. Heeft je partner de pensioenleeftijd nog niet bereikt, dan krijg jij toch het bedrag voor gehuwden. De AOW-toeslag die dat verschil aanvulde, is in 2015 afgeschaft; alleen bestaande gevallen houden hem.

Het loon van een partner verlaagt je uitkering niet. Vanaf welke dag je partner zelf recht heeft, toont de rekenhulp voor de AOW-datum. Werkt je partner nog, dan rekent de nettoloonrekenhulp dat loon door.

Toeslagen en wat de rekenhulp niet meeneemt

Een hoger inkomen kan toeslagen verlagen, zoals de zorgtoeslag. De rekenhulp rekent toeslagen niet mee, dus een deel van een netto verhoging kan wegvallen door een lagere toeslag.

Ook deze situaties vallen buiten de berekening.

  • Het nettobedrag van het vakantiegeld in mei.
  • Een gedeeltelijke AOW door jaren in het buitenland.
  • Ander inkomen van jezelf of je partner, zoals loon of vermogen in box 3.
  • Wie vóór 1 januari 1946 is geboren: daarvoor geldt een andere eerste schijf.
  • De afronding in de loonbelastingtabel, waardoor de SVB of het fonds enkele centen kan afwijken.

Hoe de bedragen zijn gecontroleerd en welke aannames de tool doet, staat in de werkwijze.

Veelgestelde vragen

Gaat de AOW in 2027 omhoog?

Dat staat nog niet vast. De uitkering gaat per 1 januari 2027 mee met het minimumloon, en die stap was op 5 oktober 2026 onbekend. Tot de SVB de bedragen rond half december publiceert, rekent de tool met 1,5%.

Hoeveel netto AOW krijg je als je getrouwd bent?

Vanaf 1 juli 2026 € 1.084,13 per persoon per maand, met loonheffingskorting. Zonder die korting is het € 880,96. Het bruto bedrag is € 1.139,39 (SVB).

Hoeveel is de AOW netto voor een echtpaar?

Samen € 2.168,26 per maand, als jullie allebei AOW krijgen en de SVB bij beiden de korting toepast. Dat is tweemaal het bedrag voor één gehuwde.

Wanneer is de volgende indexatie van pensioenen?

Dat bepaalt elk pensioenfonds zelf. ABP verhoogde op 1 januari 2026 en PFZW verwachtte een verhoging per 1 januari 2027. De AOW zelf verandert op 1 januari en 1 juli.

Waarom krijg ik geen indexatie op mijn pensioen?

Omdat je fonds daar niet toe heeft besloten. Voor een aanvullend pensioen is indexatie geen recht; het bestuur weegt onder meer de dekkingsgraad af. Het fonds licht zijn besluit toe op zijn website.

Krijg ik indexatie met terugwerkende kracht bij ABP?

Alleen als het bestuur van ABP daartoe besluit; inhalen van gemiste indexatie is geen automatisch recht. ABP verhoogde de pensioenen op 1 januari 2026 met 2,84%.

Hoe bereken ik mijn netto pensioen?

Trek van het bruto pensioen af wat het fonds inhoudt: loonheffing en bijdrage Zvw. Hoeveel belasting dat is, hangt af van wie de loonheffingskorting toepast en van je AOW ernaast. De rekenhulp schat beide inhoudingen per maand.

Wanneer wordt de AOW betaald?

Elke maand, door de SVB. Het vakantiegeld komt één keer per jaar, in mei. De betaaldata per maand staan op de website van de SVB.

Gecontroleerd op bekende uitkomsten

Elk geval hieronder heeft een uitkomst die door de bron vastligt. De rekenhulp rekent die bij elke publicatie na, en een pagina die afwijkt gaat niet online.

Bronnen

De cijfers en regels op deze pagina zijn op gecontroleerd aan de hand van deze publicaties.

Elke uitkomst op deze site is een indicatieve schatting. Het is geen financieel, juridisch, medisch of professioneel advies. Disclaimer

Vergelijkbare tools